Australie, Papoea Nieuw Guinea, Solomonseilanden, Fiji, Vanuatu, Tonga, Nieuw-Zeeland

Inleiding

Een rondreis van maar liefst 42 dagen in het werelddeel Oceanië. We hadden nooit gedacht dit nog eens te zullen meemaken. We zijn van Sydney langs de hele oostkust van Australië naar het noorden gereisd en verder via vier Melanesische eilanden en één Polynesisch eiland, naar Nieuw Zeeland, en tot slot via Tasmanië en Melbourne terug naar Sydney. Behalve een groot tropisch avontuur betekent dit ook dat je vijf niet zulke ‘gangbare’ eilanden bezoekt, eilanden waar je normaal gesproken niet zo snel zult komen. En waar je, als je er al heen wilt, alleen met veel moeite komt, omdat ze nogal afgelegen liggen. Dat maakt het weer een dure aangelegenheid. Het is een uitgelezen kans om deze eilanden toch te kunnen bezoeken: Papoea Nieuw Guinea, Solomons eilanden, Vanuatu, Fiji en Tonga. Vijf eilanden, maar ook vijf officiële landen. En heel veel Nieuw-Zeeland. Wij maken deze reis in januari en februari 2026. Goed gekozen, omdat we precies de zeven weken winterweer van die winter in Nederland mislopen. 

Sydney 

We vertrekken op 2 januari ’s ochtends vroeg van Schiphol en komen op 3 januari tegen de avond aan in Sydney. We laten ons naar ons hotel in Central Business District rijden en lopen even later nog wat rond in de buurt. Het is zaterdagavond en omdat het een echte zakenwijk is met bijna alleen maar zeer hoge gebouwen is er weinig te beleven op straat: geen gezelligheid, geen vertier. Daarvoor moet je 1 of 2 kilometer verder naar het oosten: Woolloomooloo en King’s Cross. De volgende ochtend, zondagochtend, wandelen we naar het nabijgelegen Hyde Park. Het is zonnig weer, het park is in zondagsrust. Een enkele jogger of muzikant, meer niet. In het park kun je de Sydney Tower zien, en aan de andere kant ligt St. Mary’s Cathedral. We wandelen naar Townhall Square, een mooi ruim plein, levendig ook met het fraaie stadhuis. We hebben helaas niet veel tijd voor deze metropool. 

Rond 12 uur moeten wij ons melden op ons schip, dat in de haven onder de Harbour Bridge ligt. De sfeer rond de haven van Sydney is zomers en gezellig druk: het iconische Opera House, Circular Quay, met op de achtergrond de wolkenkrabbers van het centrum, Harbour Bridge en de zondagsmarkt in The Rocks, de oudste wijk van de stad. We overzien dit alles vanaf de negende verdieping van ons schip, we hebben bijna 360 graden zicht op alles. Dat levert mooie foto’s op, een weids zicht op deze metropool, waar de onweerswolken langzaam optrekken richting stad. We gaan varen en zien deze fraaie Sydneybeelden heel langzaam kleiner worden en verdwijnen. De reis is begonnen! 

Moreton Island

We varen in twee dagen naar Moretoneiland. Moretoneiland is een groot zandeiland voor de kust van Oost-Australië en ligt ca. 58 km ten noordoosten van Brisbane, de hoofdstad van Queensland. Bijna het gehele eiland is Nationaal Park, waardoor de kustlijn, de zoetwatermeren, de wetlands en de bossen beschermd worden. Het eiland is beroemd om de Tangalooma Wrecks (een scheepswrak waar je prima kunt snorkelen), het sandboarden in de woestijn en het voeren van wilde dolfijnen bij het Tangalooma Island Resort. Moretoneiland is tevens een populaire vakantiebestemming voor liefhebbers van strand, natuur, vissen en walvissen kijken. Moretoneiland heeft een oppervlakte van ca. 170 km² en de maximale lengte van noord naar zuid bedraagt 38 km. Het heeft ongeveer 120 vaste bewoners. Kaap Moreton in het uiterste noorden van het eiland is de enige rotspartij op het verder zandige eiland. Kapitein James Cook gaf de rotspunt in 1770 haar naam. Toentertijd werd gedacht dat deze deel uitmaakte van het vasteland. Wij hebben in Nederland contact gezocht met een local, die ons 5 uur lang over Moreton Island wil rijden. Het is bijna een half uur lopen vanaf de jetty, waar de tenderboot ons af zet, langs het grote en drukke Tangalooma Island Resort naar de noordelijke parkeerplaats. We lopen over het mooie wandelpad met het strand en de oceaan links en het resort rechts. Een aangename wandeling, die je in zomerse sferen brengt. 

We rijden over het eiland, langs de scheepswrakken naar plekken met namen als Surfside, Blue lagoon, Cape moreton lighthouse, North point, Champagne pools en Honeymoon bay en dan weer terug over het bovenste gedeelte van het eiland naar Bulwer village. De ‘wegen’ en paden daar zijn zandwegen, maar onze 4x4 kan dit aan. Het is overal erg groen. We hebben in het midden van het eiland een mooi zicht op het hoogste punt van Moretoneiland, Mount Tempest, met een hoogte van 280 m het hoogste duin ter wereld. Vervolgens rijden we terug langs het dorp Cowan Cowan, onderdeel van Brisbane's verdedigingsgeschiedenis tijdens de Tweede Wereldoorlog (nu particuliere vakantiewoningen)) naar het resort, ruim op tijd om de resortfaciliteiten te verkennen en met de tender terug te varen naar ons cruiseschip. Een geslaagde dag, zoals er nog zoveel meer zullen volgen.

Brisbane 

Brisbane, de hoofdstad van de deelstaat Queensland, staat bekend om zijn ontspannen, subtropische levensstijl en wordt vaak de "Sunshine State" hoofdstad genoemd. De stad is vooral populair bij jonge toeristen. De uitstraling is die van een moderne aangename stad. Brisbane heeft 2,7 miljoen inwoners en is daarmee de derde stad van Australië. Deze metropool heeft een typisch subtropisch klimaat met hete, vochtige zomers en zachte, droge winters. Vanaf het einde van de lente tot het begin van de herfst wordt Brisbane regelmatig getroffen door hevige onweersbuien, soms vergezeld door grote hagelstenen en zware windstoten. Vooraf waren wij daar een beetje bezorgd over, want Brisbane heeft op het gebied van zware regenval in de zomer een behoorlijke naam (in 2011 stond de stad zelfs onder water na wekenlange regens). Gelukkig hebben wij schitterend, zonnig en warm weer, wat de stad uitermate plezierig maakt om er te zijn. 

Hoewel wij vooraf begrepen dat er geen enkele verbinding is tussen de haven, die 23 kilometer van het centrum ligt, en het centrum zelf, rijdt er tot onze verrassing toch een shuttle. Deze brengt ons in drie kwartier naar het King Georgeplein in het centrum. Een druk plein met de iconische Brisbane City Hall Clock Tower. Via Albert Street en Queen Street, een echte winkelstraat, lopen we via de Victoriabrug over Brisbane River naar de zuidkant van de stad. 

Op de South Bank stappen we op een boot en laten ons over de rivier door de stad voeren. Aan de stadskant rijzen de wolkenkrabbers omhoog, zien we groene parken, waaronder het beroemde Botanical Garders. Langs Kangaroo Point, onder de fraaie Story Bridge naar de wijk New Farm. En weer terug. We lopen daarna over de brug (het is behoorlijk warm geworden) door de stad, lunchen even en gaan dan weer terug naar de haven. Helaas vertrekt onze boot vandaag (te) vroeg. 

Tropical low (cycloon) bedreigt Cairns 

Een veel voorkomende misvatting: in de tropen is het altijd zonnig en warm. Niet waar natuurlijk, er is sowieso een droge en een natte tijd. Beide duren vaak een half jaar. In de natte tijd kan het soms goed mis gaan. November tot april is in deze contreien de natte tijd. We maken op weg naar de kuststad Cairns kennis met het fenomeen tropical low. Een niet te onderschatten fenomeen. Een tropische depressie kan het programma aardig in de war gooien en dat deed deze dan ook. Tropical lows komen, zeker in januari en februari, veel voor. De regenhoeveelheden zijn enorm en de wind kan behoorlijk aanwakkeren. Van 200 mm per dag kijkt men in Cairns niet op. En hevige regenval gebeurt niet op één dag, maar voortdurend. Ook op de eerste drie eilanden die we gaan bezoeken is het nogal aan de natte kant. Vaak grijs of zwaar bewolkt, maar wel heel drukkend warm. 

De bedoeling was om op 9 januari Townsville en op 10 januari Cairns aan te doen. Een cycloon op zee, die de naam Koji kreeg, zorgde voor grootschalige verstoringen in de luchtvaart in Noord-Queensland, met veel geannuleerde vluchten. Er was sprake van hevige regenval, overstromingen en stroomuitval in de bredere regio. Koji dreigt richting beide genoemde steden te trekken en er zijn serieuze waarschuwingen aan de bevolking. Het is spannend om te volgen hoe de cycloon precies zal trekken. Onze landing in Townsville is gecanceld en ook de landing in Cairns de dag erna gaat niet door. In plaats daarvan liggen we op zee, draaien wat rondjes, maar het schiet allemaal niet erg op. Er schijnt uiteindelijk in Cairns nogal wat schade te zijn in de buitenwijken, maar als wij op 11 januari eindelijk Cairns in mogen zien wij er in ieder geval niet veel van. We hadden geluk dat de storm relatief snel verzwakte nadat hij aan land kwam, anders hadden wij nog enkele dagen langer op zee rondjes moeten draaien. Voor deze gebieden kun je dus altijd vooraf een reis- en verblijfsschema maken, maar er is geen enkele garantie dat je ook daadwerkelijk overal zult komen en rondreizen. 

De Conflict eilanden (Papoea Nieuw Guinea) zijn ook al gecanceld en we krijgen te horen dat ook twee eilanden van Vanuatu niet zullen worden aangedaan. De tweede dag Cairns betekent voor ons vooral wandelen langs de parkjes van deze tropische toeristenstad, maar het is te warm om al te ver te lopen. We bezoeken het Aquarium, erg leuk, met bezoek aan de schildpaddenopvang. Daarna wandelen we weer terug naar de haven. De stad is groen en heeft een tropische vibe. We zijn er al eerder geweest, in 2006. Toen hebben we de kabelbaanrit naar Kuranda gemaakt. Dat hadden we deze keer weer willen doen (op onze ‘eerste’ dag in Cairns), en het was op onze ‘tweede’ dag in Cairns al niet meer mogelijk. Zoals gezegd zal, na Cairns, het tropische depressieweer ons een tijdje blijven achtervolgen. Op de volgende drie bestemmingen regent het vaak (lichtjes) en is het vooral somber en grijs. Jammer, want de eilanden zijn prachtig. Het is wel zeer warm. Pas op het prachtige Fiji, waar we uiteindelijk vijf dagen zullen blijven, knapt het weer behoorlijk op. Dat blijft zo, ook in Nieuw-Zeeland. Ondanks het soms slechte weer genieten wij volop. 

Papoea Nieuw Guinea 

Alotau is de rustige hoofdstad van de provincie Milne Bay in Papoea-Nieuw-Guinea, gelegen op de zuidoostelijke punt van het hoofdeiland. De rust en relatieve veiligheid van Alotua staat in schril contrast tot de situatie in grote delen van de rest van het land. Er is in dit land een hoog risico op geweldsmisdrijven, zoals overvallen (vaak met kapmessen of vuurwapens), autodiefstal en seksueel geweld. In hoofdstad Port Moresby en andere grote steden zoals Lae en Mount Hagen is de situatie vaak gespannen. In de hooglanden (Highlands) komen regelmatig gewelddadige conflicten tussen lokale stammen voor, die onvoorspelbaar kunnen oplaaien. 

Maar gelukkig zijn we in Alotau veilig en voelen we ons ook veilig. De stad staat bekend om zijn gastvrije sfeer en dient als belangrijkste toegangspoort tot de omliggende eilanden en koraalriffen. We rijden van Alotau westwaarts naar het hart van Huhu - de thuisbasis van de oorlogskano en het centrum van het historisch kannibalistische achterland. Interessant genoeg is dit ook de plaats waar een deel van de PNG-grondwet aanvankelijk werd opgesteld door de eerste gouverneur-generaal, Sir John Guise. We brengen een bezoek aan de lokale markt, de grootste in de regio, met alles van bananen en tassen tot betelnoot. Grote drukte, uiteraard een kleurrijk gebeuren. Een rit naar Bibiko Village laat ons zien hoe de westerse cultuur is geïntegreerd in de traditionele manier van leven. We zien hoe het dorpsleven in PNG is en we proeven heerlijke gerechten bereid in kleipotten: taro, banaan, cassave, yam en groene bladgroenten. Op de terugweg naar de pier brengen we een bezoek aan het uitkijkpunt Top Town voor een volledig zicht op de stad en de grotere provincie Milne Bay. De laatste stop is bij het Milne Bay War Memorial. De slag om Milne Bay in 1942 was ongelooflijk belangrijk. Er zijn veel slachtoffers gevallen en het betekende de eerste grote nederlaag van de Japanse landtroepen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er is hoe dan ook op al deze Pacifische eilanden hevig gevochten in de Tweede Wereldoorlog en op ieder eiland vind je dan ook herdenkingsplekken. 

Kiriwina 

De volgende dag liggen wij voor anker voor Kiriwina. De Kiriwina-eilanden (ook Trobriand eilanden genaamd) vormen een 450 km² grote archipel van koraaleilanden en atollen ten oosten van het hoofdeiland Nieuw-Guinea. Ze liggen in de provincie Milne Bay van Papoea-Nieuw-Guinea. Het grootste deel van de inheemse bevolking van 12.000 inwoners leeft op het belangrijkste eiland Kiriwina.Het ziet er idyllisch uit. Het eiland is nog heel oorspronkelijk en de vriendelijke bevolking zit klaar om je welkom te heten (uiteraard hebben ze wat spullen in de verkoop). Ook leiden ze je rond in hun dorp, even verderop. We besluiten niet meteen de tender naar het strand te nemen, maar later op de ochtend de oversteek te wagen. Maar als we eenmaal aan land willen gaan is er ineens een ‘noodsituatie’. Er zijn al honderden medereizigers op het eiland en degenen die terug zijn gegaan verkeren van het ene op het andere moment in een angstige situatie. De wind is supersnel aangewakkerd tot windkracht negen, totaal onverwacht, en de tenders gaan meters op en neer. Ze komen echter niet vooruit. Uren dobberen zij op zee. Inmiddels staan 600 mensen op het strand te wachten om ook terug te keren, maar er is geen enkel zicht dat dit ook gaat lukken. Op social media verschijnen vrij snel berichten: 600 toeristen hopeloos vast op tropisch eiland. Enigszins overdreven, maar wel waar. Het is uitgesloten dat wij vandaag op het eiland komen, weer een misser dus. De tenders worden stilgelegd en uiteindelijk slaagt men er later op de dag in om iedereen weer veilig aan boord te krijgen. 

Salomons eilanden 

De Salomonseilanden (Solomon Islands) is een uitgestrekte eilandnatie in de zuidwestelijke Stille Oceaan, ten noordoosten van Australië. De archipel bestaat uit bijna 1.000 eilanden, waarvan de zes grootste Choiseul, Santa Isabel, Malaita, New Georgia, Guadalcanal en Makira zijn. De hoofdtad is Honiara, gelegen op het grootste eiland Guadalcanal. Er wonen naar schatting ruim 830.000 mensen (2025/2026). De bevolking is voor circa 95% Melanesisch. Engels is de officiële taal, maar het op EngelsPijin wordt het meest gesproken. Er zijn daarnaast meer dan 80 lokale talen. Het is er over het algemeen veilig, maar kleine criminaliteit -gericht tegen buitenlandse (‘vermogende’) bezoekers – komt wel voor. De eilanden zijn gevoelig voor aardbevingen en tsunami's vanwege hun ligging in een vulkanisch actief gebied. In februari 2026 werden er nog diverse aardbevingen geregistreerd. Dit geldt overigens voor alle Pacifische eilanden die we gaan bezoeken. Ze zien er uit als droomeilanden (weliswaar arm, maar rijk aan natuurschoon), maar hier komen wel aardbevingen, vulkaanuitbarstingen en tsunami’s voor. Tel daar bij op het soms zeer slechte noodweer dat in de maanden november tot april kan voorkomen met landverschuivingen en overstromingen en de conclusie mag zijn dat het paradijs ook een keerzijde heeft. 

Tonga, dat we later zullen bezoeken, is zelfs het op 3 na onveiligste land als het om natuurrampen gaat (voor de bevolking dan, want het komt niet zo vaak voor dat je dit als toerist zult meemaken; die kans is dan weer klein). Echter, in februari 2026, een maand na ons bezoek, waren er enkele aardbevingen. Op 25 februari 2026 was er een uitbarsting van de Ambae-vulkaan. En tot slot: op 14 februari 2026 werd Vanuatu getroffen door een krachtige aardbeving met een magnitude van 6,4 nabij de kust van Espiritu Santo. 

Honiara oogt bij onze aankomst als een rustig provinciestadje, eigenlijk is het meer een dorp. Veel wijken liggen hoger op de heuvels tussen het groen, dus een goed overzicht van de hele stad heb je eigenlijk niet. Er wonen nog altijd ongeveer 100.000 mensen, maar de plaats oogt niet als een stad van een dergelijke grootte. We hebben vooraf, in Nederland, contact gezocht met een local en met hem een tripje geregeld naar Hotomai Village. Weinig mensen kennen dit en het behoort zeker niet tot de drukst bezochte plekken op de Solomons eilanden. Integendeel. Hotomai ligt in het centrale deel van het eiland Guadalcanal en de rit er naar toe, vanaf Honaria, duurt ongeveer drie kwartier. Je rijdt door het fraaie tropische landschap, ook hier weer. Hotomai Cultural Village is een dorp dat fungeert als een levend museum voor de tradities van het Birao-volk. De mensen wonen hier echt en houden zodoende de tradities en leefwijze in stand. Als bezoeker kun je hier de authentieke eilandcultuur ervaren door actieve deelname in plaats van alleen te kijken. Er worden ten behoeve van de bezoekers demonstraties gegeven van vuur maken zonder lucifers, het weven van manden en matten van lokale vezels, en traditionele tuinbouwtechnieken. 

Verder kun je het bereiden en proeven van lokale gerechten ervaren, zoals geprakte taro in kokosnoot en maaltijden bereid met hete stenen (biti vula). Er zijn verder interactieve sessies met traditionele gezangen, liederen en dansen uitgevoerd door de dorpsbewoners en je bezichtigt drie traditionele huizen (een feesthuis, een taboehuis en een woonhuis) gebouwd van inheemse materialen. Je betaalt er als bezoeker een soort ‘entreegeld’. De opbrengsten vloeien direct terug naar de educatie en gezondheidszorg van het dorp. De naam "Hotomai" betekent "Welkom" in het lokale Birao-dialect. 

Na drie kwartier stopt onze auto. We moeten uitstappen. De auto kan niet verder rijden over het bospad, omdat het door de hevige regens van de afgelopen dagen, is veranderd in één grote modderpoel. We zullen verder moeten lopen door deze modderpoel. Dat is geen gemakkelijke opgave. Bij ieder stap zakken we of diep weg in de modder of we dreigen uit te glijden en languit in de modder te vallen. Dat overkomt Lione één keer. Ondanks de sterke armen van Hotomaibewoners, die ons begeleiden, blijft het een redelijk zware tocht. Maar we worden beloond. Na enige tijd zijn we in het dorp. De situatie is hier niet beter: overal zompen we door de modder, maar hier en daar zijn planken neergelegd en de bewoners zijn erg hulpvaardig. Het regent ook nog eens gestaag door en behalve ‘modder-begeleiders lopen er ook bewoners mee die een palmblad boven ons hoofd houden. Zelden hebben we zulke aardige en hulpvaardige locals gezien. Een aantal kinderen heeft blond haar. Een vreemde combinatie: Melanesisch uiterlijk met blond kroeshaar. We hebben het erg naar onze zin in dit dorp. We krijgen eten en fruit en worden door het hele dorp geleid. Maar dan moeten we die hele weg weer terug. We denken aan de fijne tijd die we hier hadden en na een half uur ploeteren door de modder komen we weer bij onze auto. Bijzonder tevreden over deze dag keren wij later op de middag terug in de haven van Honiara. 

Vanuatu, Fiji en Tonga 

Vanuatu is een archipel in de Stille Oceaan bestaande uit 83 eilanden. Het land staat bekend om vulkanen en rijke Melanesische cultuur. Wij landen in Luganville. Luganville is de hoofdstad van de Vanuatuanse provincie Sanma en is gelegen aan de zuidoostkust van het eiland Espiritu Santo, het grootste eiland van het land. Met circa 16.000 inwoners is Luganville de tweede stad van Vanuatu. Een panoramische rit langs de pittoreske oostkustweg onthult ons dorpjes tussen de palmbomen, kokos- en houtplantages, vee, drogerijen van kopra (het gedroogde vruchtvlees van kokosnoten), dichte jungle en adembenemende uitzichten over het water. Onze bestemming is het prachtige strand van Port Orly. Port Orly staat bekend om zijn prachtige witte zandstrand en kristalheldere, rustige water. Het strand heet Paradise Beach, en is gelegen in een natuurlijk amfitheater van kalm water en de idyllische eilanden van Noord-Espiritu Santo. We verblijven hier enkele uren en genieten en ontspannen volop. Daarna brengen we een bezoek aan de wereldberoemde Santo Blue Lagoon, waarvan je het azuurblauwe water moet zien om te geloven dat dit een echt de kleur van het water is. We blijven hier ongeveer een uur. Er staan nog twee bezoeken aan eilanden van Vanuatu op het programma, maar helaas worden deze bezoeken gecancelled vanwege (opnieuw) slecht weer, de volgende tropische depressie zit er al weer aan te komen. Op een van de eilanden is de jetty bij een vorige storm beschadigd en is de reparatie nog niet klaar. Op een ander eiland zijn sommige wegen onbegaanbaar. Onze kapitein besloot dan ook om – gelet op de verwachting van nog meer slecht weer - al vast te varen naar Fiji. Willen we nog veilig Fiji bereiken, dan moeten we snel gaan (en Vanuatu verder laten voor wat het is) voordat het noodweer onderweg losbarst, zo luidde het devies. Een verstandige beslissing, zo blijkt achteraf. In Fiji brengen we vijf fantastische dagen door. Het weer knapt daar ook behoorlijk op. 

Fiji 

Eerst even het land Fiji in vogelvlucht. Fiji is een tropische archipel in de Stille Zuidzee, bestaande uit meer dan 330 eilanden, waarvan er 106 bewoond zijn. De archipel strekt zich over vele honderden kilometers uit in de Zuidzee. Het land staat bekend om zijn witte zandstranden, koraalriffen en de hartelijke "Bula"-gastvrijheid. We zullen diverse kava ceremonies meemaken, waarbij deze Bula-gastvrijheid centraal staat. Daarover straks meer. De twee grootste eilanden zijn Viti Levu (met de hoofdstad Suva en de internationale luchthaven in Nadi) en Vanua Levu. De bevolking bestaat uit inheemse (Polynesische en Melanesische) Fijiërs en uit Fijiers die oorspronkelijk uit India komen. Zij zijn ooit uit de omgeving van Kolkata in India naar Fiji gehaald om op de suikerrietplantages te werken. Ze zijn overal op de eilanden duidelijk aanwezig. De economie is sterk afhankelijk van toerisme en de export van suiker en mineraalwater (Fiji Water). 

Fiji is een populaire bestemming voor huwelijksreizen, duikers en gezinnen. Je kunt er prima duiken en snorkelen, b.v. op de Mamanuca- en Yasawa-eilanden. De Kava-ceremonie (het drinken van een wortelextract) is een essentieel onderdeel van het sociale leven. Zoals gezegd komen we hier nog op terug. Over het algemeen vind je buiten de drie grote steden (voor Nederlandse begrippen zijn het middelgrote steden met tussen 50.000 en 100.00 inwoners) weelderige regenwouden en watervallen. Fiji staat dan ook bekend om deze adembenemende natuurlijke schoonheid, met ongerepte stranden, kristalhelder water en tropische bossen. Het eiland is ook beroemd om zijn warme gastvrijheid, rijke culturele erfgoed en duik- en snorkelmogelijkheden van wereldklasse. Dit lijkt een gelikte tekst uit een toeristische folder te zijn, maar het geeft zo concluderen we na vijf dagen Fiji – wel precies weer wat Fiji is. Het is niet overdreven, het klopt echt allemaal. 

Na bijna twee dagen varen bereiken we tegen de namiddag Lautoka (75.000 inwoners). Lautoka, ook wel "Sugar City" genoemd, is de tweede grootste stad van Fiji, gelegen aan de noordwestkust van het hoofdeiland Viti Levu. Het is een belangrijk industrieel en agrarisch centrum, omgeven door uitgestrekte suikerrietplantages. Suiker is diep geworteld in de Fijische cultuur en econimie. De stad is een levendig, multicultureel knooppunt met diverse markten, hindoetempels en moskeeën. De volgende dag verkennen wij de omgeving van Lautoka en Nadi (ruim 71.000 inwoners). De twee steden liggen ongeveer 30 kilometer van elkaar. We brengen een tijd door in het centrum van Nadi. Nadi is multiraciaal. Veel van de inwoners zijn van Indiase afkomst. Nadi is binnen Fiji dan ook een centrum voor het hindoeïsme en de islam. De voornaamste bron van inkomen voor de stad is het toerisme, gevolgd door de suikerrietproductie. 

Maar eerst bezoeken wij een traditioneel Fijiaans dorp. Viseisei is het meest prominente traditionele Fijische dorp nabij Lautoka. Dit historische dorp staat bekend als de legendarische landingsplaats van de eerste Fijianen. Het wordt beschouwd als de oudste nederzetting van Fiji. Wij krijgen hier een rondleiding. Het dorp is ruim opgezet en groen (veel gras) met her en der verspreid in het groen de kleine woningen. Hier maken wij voor het eerst kennis van de kava-ceremonie. Een kava-ceremonie is een eeuwenoud, sociaal en ritueel gebruik in de Zuid-Stille Oceaan (vooral Fiji, Tonga, Vanuatu), waarbij een aardse drank gemaakt van de kava-wortel wordt gedronken. Het symboliseert gemeenschapsband, respect, vrede en verwelkoming, waarbij deelnemers in een cirkel zitten en de drank delen uit een kokosnootschaal, vaak volgens strikte rangorde. Kava is meer dan een drankje; het wordt gebruikt om gasten te verwelkomen, geschillen te beslechten, ceremoniële gebeurtenissen (zoals huwelijken of begrafenissen) te vieren en sociale banden te versterken. De Kava wordt gemaakt van de fijngestampte of gemalen wortel van de kava-plant, gemengd met water. Het staat bekend om zijn ontspannende, milde verdovende werking, wat vaak leidt tot een gevoel van vrede. 

Hoe gaat het er aan toe? De deelnemers (de chief van het dorp en hoge vertegenwoordigers van het dorp en een delegatie van de bezoekers) zitten in een cirkel op een mat. Er wordt verwacht dat je gepast gekleed bent en je schoenen en sokken uitdoet. Er wordt één keer in de handen geklapt (of "Bula!" geroepen) voor het in ontvangst nemen van de schaal ("bilo"), en drie keer Bula na het opdrinken (vaak in één teug). Voor toeristen is het bijwonen van een 'i-sevusevu' (ceremoniële presentatie van kava aan een dorpshoofd) een respectvolle manier om toestemming te vragen om een dorp te betreden. Heb je deze toestemming eenmaal, dan geldt die voor altijd: je zult altijd welkom zijn. Wij zullen deze kava ceremonie op Fiji diverse malen meemaken, het bestaat ook op Tonga en Vanuatu. 

Het volgende bezoek is aan de Mountain of the Sleeping Giant. De "Mountain of the Sleeping Giant" is een markante bergketen in de Sabeto-vallei, nabij Nadi. De hoogste top van dit massief is ongeveer 1.163 meter. Volgens lokale verhalen is de berg een reus die na een enorme maaltijd in een diepe slaap is gevallen en sindsdien niet meer wakker is geworden. Het profiel van de bergketen doet inderdaad denken aan een slapende reus. De bekendste attractie aan de voet van de berg is de Garden of the Sleeping Giant. Deze botanische tuin werd in 1977 opgericht door de Amerikaanse acteur Raymond Burr om zijn enorme collectie orchideeën te huisvesten. Er zijn wandelpaden die door de tuinen en het omliggende regenwoud leiden, met uitzichtpunten over de vallei. Een prachtig park en een schitterende wandeling! 

Suva 

De volgende ochtend worden we wakker in de haven van Suva. Suva is de levendige hoofdstad van Fiji, met 175.000 inwoners, gelegen op de zuidoostelijke kust van het hoofdeiland Viti Levu. Als het economische en politieke hart van het land biedt de stad een unieke mix van koloniale architectuur, moderne hoogbouw en een multiculturele sfeer. Je vindt hier dan ook gevarieerd eten en zowel kerken als moskeeën en hindoetempels. We bezoeken overdag de omgeving van Suva. Naililili is een historisch dorp en ligt in de Rewa Delta, niet ver van de hoofdstad Suva, maar dan aan de overkant van de Rewa rivier. We bereiken het dorp met een traditionele longboat over de rivier, de smalle boot biedt plaats aan ongeveer vier personen. Je moet heel duidelijk niet te veel wiebelen! Na een kwartier varen bereiken we de belangrijkste bezienswaardigheid, de Naililili Cathedral (St. Joseph's Church), gebouwd door Franse missionarissen aan het begin van de 20e eeuw. Het is een opvallend bakstenen gebouw dat een groot contrast vormt met de omringende jungle. Ook hier maken we weer een traditionele kava-ceremonie mee, met de nodige zang en dans. 

Op onze tweede dag in Suva rijden we richting het noorden. Wat ons opvalt, is dat het hier (zeker in de buitenwijken van de stad) allemaal iets minder arm oogt dan op de andere eilanden. We steken de Waimanu-rivier over, beroemd om zijn waterlelies, en stoppen bij een dorp waar de vriendelijke lokale bevolking ons al weer opwacht. Al weer een Kuva welkomstceremonie. Het zou gaan vervelen, denk je, maar dat doet het niet. Voor het enthousiasme van de dorpsbewoners valt ons op. Men heeft het hier niet bepaald heel goed, maar toch kan men dit opbrengen. Niet zo zeer opbrengen, denken we, maar het zit gewoon in de ‘genen’. Erg vriendelijke en voorkomende mensen. We worden weer rondgeleid door de dorp: houten bungalowtjes op een verhoging (vanwege de hevige regens in de natte tijd). Het is bijzonder warm, dus we houden het bij een halve dorpswandeling. Op de terugweg passeren we de regeringsgebouwen en ambassades, wat de stad op deze plekken wat allure geeft. 

Als extra’tje op deze reis (vanwege de gemiste landingen elders) varen we naar het tweede grootste eiland van Fiji, Vanua Levu, gelegen op ongeveer 200 kilometer ten noorden van Vita Levu. We landen in de stad Savusavu, een gemoedelijke provinvieplaats met een tropische laidbacksfeer.Het plaatsje telt 3.372 inwoners, er is markt dus is het levendig. Buiten het stadje neemt de natuur het weer over. We maken een van onze prachtigste ritten van deze reis. Het is puur, groen, weldadig regenwoud, adembenemende vergezichten over groene heuvels. Het is genieten op zijn best. We hebben geen spijt van deze wisseling in het schema. Uiteindelijk zijn we vijf dagen in Fiji geweest en het waren vijf prachtige dagen, op zich een vakantie al waard. 

Tonga (Vava’u)

We bereiken het kleine koninkrijkje Tonga, meer precies Vava’u. Vava'u is een noordelijke eilandengroep in Tonga, 400 kilometer ten noorden van Tongatapu, het belangrijkste eiland van Tonga. Het uit 177 eilanden bestaande Tonga in Polynesië beslaat 700.000 km² in het zuiden van de Grote Oceaan: het koninkrijk ligt circa 700 km ten zuidoosten van Fiji en circa 2000 km ten noordoosten van Nieuw-Zeeland. 36 van de 177 eilanden zijn permanent bewoond. 22/27 De eilanden zijn opgedeeld in drie groepen, van noord naar zuid: Vava'u, Ha'apai en Tongatapu. Tonga is het enige gebied in Polynesie en Melanesie dat – hoewel het wel degelijk in aanraking kwam met de westerse koloniale machten – zijn zelfstandigheid nooit heeft verloren. Het is dus nooit een kolonie geworden, maar altijd een koninkrijk gebleven. Vava’u, een van de drie eilandengroepen in Tonga, staat bekend als de "Parel van het Koninkrijk" en is een populaire bestemming voor zeilen, duiken en zwemmen met walvissen. De belangrijkste stad op de Vava’u eilanden is Neiafu. Neiafu is de op een na grootste stad van Tonga met 3.845 inwoners in 2021. We wandelen rond in dit kleine tropische stadje met zijn relaxte en relatief vredige sfeer. 

Nuku'alofa (Tongatapu) 

De tweede dag Tonga bezoeken we Nuku’alofa. Nuku'alofa is de hoofdstad en het commerciële hart van het Polynesische koninkrijk Tonga, gelegen aan de noordkust van het eiland Tongatapu. De stad is niet groot, maar met zijn 24.000 inwoners wel de grootste stad van het land. De moeite waard zijn hier koninklijk paleis, een iconisch wit Victoriaans houten gebouw aan de kust, Talamahu Market, de centrale markt voor lokale producten en traditioneel handwerk en Ancient Tonga, een cultureel centrum waar je meer leert over Tonganese tradities en kleding. Tonga is een diepreligieuze samenleving; het is belangrijk om conservatieve kleding te dragen in het openbaar. 24/27 Centennial Church is gebouwd in 1885. Deze prominente kerk aan het einde van Kings Road raakte zwaar beschadigd door cycloon Gita in 2018.Het gebouw ziet er sindsdien vervallen uit, maar er zouden renovatiewerkzaamheden gaande zijn met hulp van China. We zien inderdaad steigers, maar geen activiteiten. Te vrezen valt dat deze mooie kerk vermoedelijk nog jaren in een desolate staat zal blijven. 

We maken vanuit de hoofdstad de zogenaamde West coast scenic tour. We rijden weer door een soortgelijk landschap als in Fiji en Vanuatu: een lange rechte weg met aan weerszijden kleine huisjes en landerijen en veel tropisch groen. We rijden naar het dorp Kolovai. Vlak voor het dorp kun je de flying foxes zien. Vliegende vosvleermiuzen, die alleen hier voorkomen. Ze hangen in een boom op het kerkhof en we staan tussen de graven naar boven te turen. Ze zijn wel zichtbaar maar de afstand is te groot om ze goed te kunnen zien. Het valt een beetje tegen, te meer omdat deze ‘attractie’ overal wordt aangeprezen. 

We rijden door naar het tropische strand. Een plaatje van een strand. De golven beuken hier op de kust en regelmatig bereiken de blowholes grote hoogten. Een fascinerend gezicht. We hadden dit het jaar ervoor op Madeira overigens ook al gezien. Tot slot wandelen we naar Tsunamirock. Een flinke rots die ooit bij een tsunami tientallen meters het land in is geblazen. De rots die inmiddels flink begroeid is ligt nu alleen in het vlakke omringende land. Een mooi gezicht. We rijden een mooie route terug naar Nuku’alofa. 

NIEUW-ZEELAND, TASMANIE, MELBOURNE 

Waitangi Bay 

Na twee lange ‘zeedagen’ landen we bij Waitangi, een zeer mooie locatie op het prachtige Noordereiland. Nieuw-Zeeland, eindelijk is een bezoek aan dit land er toch van gekomen. Het is schitterend weer. Het ziet er mooi en vriendelijk uit. We gaan een dagtocht door de Bay of Islands maken. Vanuit de haven steken we een kleine brug over en belanden dan meteen in het stadje Paihia Harbour. Daarna begint een schitterende panoramische route. Nieuw-Zeeland is een heuvelachtig en vaak ook bergachtig eiland. Er is geen dorp of stadswijk dat niet half of helemaal tegen een heuvel aangebouwd is, of boven op die heuvel, met prachtige vergezichten. Dat maakt het wonen hier over het algemeen heel aantrekkeljk: mooi ‘golvende’, langzaam oplopende of dalende wijken met huizen bijna altijd op een ‘verhoging’ naast de weg gebouwd. De huizen zelf zijn niet altijd aantrekkelijk. Soms schreeuwen ze om een opknapbeurt en de meeste bungalows hebben niet eens zo veel woonoppervlak. Dat is anders in steden als Wellington en Napier, waar schitterende huizen staan. De huizenprijzen liggen daar vrij hoog. 

In Kawakawa stoppen we bij de beroemde Hundertwasser-toiletten. Deze unieke openbare toiletten zijn ontworpen door de Oostenrijkse kunstenaar Friedensreich Hundertwasser (1928 – 2000) en zijn een populaire bezienswaardigheid. Het gebouw heeft kleurrijke zuilen, mozaïeken en organische vormen, passend bij Hundertwassers afkeer van rechte lijnen. Hundertwasser woonde en werkte de laatste 25 jaar van zijn leven in de buurt en ontwierp dit project in 1999 als een geschenk aan de stad. Daarna brengen we een bezoek aan de Rainbow Falls. Rainbow Falls (Māori: Waianiwaniwa) is een spectaculaire waterval van 27 meter met één val, gelegen aan de Kerikeri-rivier. Bekend als de "Waters of the Rainbow" (Wateren van de Regenboog), is het beroemd om de regenbogen die vaak zichtbaar zijn in zijn nevel tijdens zonnige middagen. De watervallen zijn gelukkig gemakkelijk toegankelijk. Er zijn drie hoofdpunten om te kijken. Twee bevinden zich bovenaan en bieden een breedbeeldzicht op het water dat over basaltstenen stroomt, en één lager platform biedt een direct uitzicht vanaf de basis. 

Niet lang daarna komen we bij de Kawiti Glow Worm Caves. Het wordt hier overal aangekondigd als een verbluffende rondleiding door de gloeiwormgrotten. De grotten zijn privé bezit en om die reden mogen er geen foto’s gemaakt worden. Jammer, want het is op zich een aardig gezicht. Na een korte wandeling door de grot zie je de gloeiwormen op het plafond, honderden. Dat is eigenlijk alles en na twee keer gloeiwormen zien, hebben we het wel gezien. Het valt allemaal een beetje tegen.

Dertig  kilometer van Kerikeri maken we de Manginangina Kauri Walk. De Manginangina Kauri Walk is een gemakkelijke, 2 km lange rondwandeling (ca. 20 minuten) door het Puketī Forest. Het goed onderhouden, rolstoelvriendelijke bospad voert via een boardwalk langs indrukwekkende, torenhoge Kauri-bomen en inheemse struikgewas. Het is een snelle"must-see" stop om de eeuwenoude bossen van Nieuw-Zeeland te ervaren. Een paar kilometer van Paihia liggen de Haruru Falls. Dit is een brede, hoefijzervormige waterval in de Waitangi River. De naam 'Haruru' betekent in het Māori "groot lawaai" of "continu gedreun", wat vooral merkbaar is na hevige regenval wanneer de waterval met grote kracht naar beneden stort. De waterval is ongeveer 5 meter hoog en heeft een zeldzame hoefijzervorm. Hoewel niet bijzonder hoog, staat het bekend om zijn breedte en het volume van het water. We schieten hier wat foto’s en genieten van het uitzicht. Tot 

komen we bij de Waitangi Treaty Grounds, gelegen aan de schitterende Bay of Islands. Deze plek staat bekend als de "geboorteplaats van Nieuw-Zeeland". Dit is de plek waar op 6 februari 1840 het Verdrag van Waitangi werd ondertekend tussen vertegenwoordigers van de Britse Kroon en meer dan 40 Māori-stamhoofden. Precies over 1 week is het 6 februari en deze nationale feestdag van Nieuw-Zeeland wordt groots gevierd. Er is dan een groot gratis festival op het terrein om de nationale feestdag te vieren, en de voorbereidingen zijn in volle gang. We hebben vanaf deze plaats een prachtig uitzicht over de Bay of Islands.

Er waren destijds twee versies van het verdrag één in het Engels en één in de Maoritaal. Helaas waren de versies niet identiek, op verschillende plaatsen stond in de ene versie iets heel anders dan in de andere versie. Tja, de sluwe Engelsen. In ieder geval heeft het lange tijd tot veel discussie en interpretatieverschillen geleid. 

Tauranga 

De volgende dag ligt ons schip in Tauranga. We doen deze dag geen echt programma of excursie. De op een schiereiland gelegen gemoedelijke buitenwijk Mount Maunganui staat bekend om de gelijknamige, niet meer actieve vulkaan. Bij deze heilige plek voor de Maori's zijn er wandelpaden met uitzicht op de oceaan. Er is een mooi lang zandstrand Main Beach. De paar winkelstraten zijn gezellig en de sfeer is bijzonder gemoedelijk te noemen. Ook hier (in Mount Maunganui, dat tegen Tauranga aan ligt) is het noodweer geweest, er was een aardverschuiving de week er voor, die zes mensen het leven kostte. 

Auckland 

Auckland, bekend als de "City of Sails", is de grootste stad van Nieuw-Zeeland en een dynamische metropool (2,7 miljoen inwoners), die is gebouwd op een slapend vulkanisch veld met meer dan vijfitg vulkaankegels. Het is, zoals in de meeste plaatsen in Nieuw Zeeland, hier dan ook heuvelachtig, buiten het compacte centrum. Als we de haven binnenvaren hebben we een fantastisch zicht op de skyline. Hoge gebouwen en de Skytower. Deze toren is met een hoogte van 328 meter een van de meest iconische herkenningspunten van Nieuw-Zeeland. De toren biedt een panoramisch 360-graden uitzicht over de stad, We gaan hier niet omhoog, we gaan dit in Melbourne doen. 

De relatief kleine binnenstad gaat al snel over in de uitgestrekte buitenwijken, die tegen de heuvels gevleid liggen. We nemen de hop on hop offbus,. We maken hiermee een extra lange tour (van twee uur) door de stad en omgeving. Na het grootstedelijke centrum rijden we door wijken als Eden Terrace en Mount Eden, inderdaad: op een berg gebouwd. Het zijn fraaie wijken,die ons doen denken dat we hier best wel zouden willen wonen. We rijden via Auckland Zoo en dan de lange weg terug via Newmarket naar de wijk Parnell. 8/30 Het welvarende en stijlvolle Parnell is de oudste buitenwijk van Auckland, opgericht in 1841 en staat bekend om de chique boetieks, galerieën en restaurants, met name de Franse bistro's en stijlvolle chocoladecafés van Parnell Road. Dwars door het park Auckland Domain lopen allerlei voet- en fietspaden. In dit park staat ook het Auckland War Memorial Museum, met onder andere exposities over vulkanen en de Maori-cultuur. De wijk wordt gekenmerkt door de mix van historische Victoriaanse architectuur en moderne luxe. Parnell Road is een charmant winkelgebied met kasseienstraatjes, gerestaureerde houten villa's, chique boetieks en kunstgalerieën. 

We rijden daarna door rustiger gebied, langs het strand en weer terug naar de binnenstad. Veel gezien van deze prachtige stad! 

Tauranga 

We zijn weer terug in de binnenhaven van Mount Maunganui (Tauranga). Vandaag gaan we o.a. naar Rotorua, één van de hoogtepunten van Nieuw-Zeeland. We rijden over het platteland. Dit is kiwi- en avocadogebied en we bezoeken een kiwiplantage. Vervolgens passeren we twee mooie meren: Lake Rotoiti en Lake Rotorua. Even buiten de stad Rotorua bevindt zich het Whakarewarewa Redwood Forest. De bomen werden aan het begin van de 20e eeuw geplant als onderdeel van een programma om de levensvatbaarheid van verschillende exotische boomsoorten voor commerciële bosbouw in Nieuw-Zeeland te beoordelen. De inheemse Nieuw-Zeelandse bossen waren tegen het einde van de 19 eeuw gekapt en de herbossing van exotische boomsoorten was hier dan ook en reactie op. Met behulp van gevangenisarbeid werd hier herplant. We zullen op meer plaatsen in Nieuw-Zeeland horen dat bij de ontwikkeling van het land hele stukken oorspronkelijk bos gekapt zijn ten behoeve van landbouw en de bouw van dorpen en steden. Echter, er is ook weer bijzonder veel terug geplant, zodat Nieuw-Zeeland nu een behoorlijk groen karakter heeft met veel bossen en parken. De bomen in Redwood Forest zijn bijzonder hoog en breed. 

Rotorua 

Rotorua (55.000 inwoners) is een stad op het Noordereiland van Nieuw-Zeeland, wereldberoemd om zijn indrukwekkende geothermische activiteit en als kloppend hart van de Māori-cultuur. De stad ligt in een vulkanische caldera aan de oevers van Lake Rotorua. De regio staat bekend om spuitende geisers (zoals de Pōhutu-geiser), borrelende modderpoelen en kleurrijke minerale terrassen. Vanwege de zwaveldampen hangt er in de stad vaak een kenmerkende geur van 'rotte eieren'. Binnen de gemeentegrenzen van Rotorua ligt het Maoridorp Whakarewarewa. Het is de thuisbasis van de Tūhourangi Ngāti Wāhiao-bevolking, die al eeuwen in de vallei woont en de natuurlijke stoom en warmwaterbronnen blijft gebruiken voor dagelijkse taken zoals koken en baden.

Whakarewarewa is een levendig dorp gelegen in dit bijzondere landschap van uitbarstende geothermische activiteit, hete thermale bronnen en hete, borrelende modderpoelen. Je kunt hier als bezoeker rondleidingen volgen onder leiding van directe afstammelingen van de oorspronkelijke gidsen om te zien hoe de gezinnen van het dorp (ongeveer 900 inwoners) momenteel op het actieve geothermische plateau verblijven. Uiteraard maken wij zo’n rondleiding. Er heerst een bijna mystieke sfeer in het dorp. De zwavelwolken worden over het dorp geblazen, in bijna elke tuin en straat zijn geiseropeningen, waardoor de wolken omhoog geduwd worden en het zicht verandert dan ook steeds. Soms zijn huizen, straten, bomen en struiken helemaal of half in de ‘mist’ gehuld en even later kun je alles weer helder zien. Dat wisselt voortdurend. De vallei bevat ongeveer 500 warmwaterbronnen en 65 geiseropeningen. In het dorp ligt ook de Pōhutu-geiser, de grootste actieve geiser op het zuidelijk halfrond, die ongeveer elk uur tot 30 meter hoog uitbarst. 

Uiteindelijk komen we terecht in het volledig gebeeldhouwde ontmoetingshuis Whare Tupuna (voorouderlijk huis), waar we een traditioneel Maori-welkom krijgen, met traditionele liederen, dansen en demonstraties van vechtkunsten, waaronder de beroemde Haka. De Maori’s vormen vandaag de dag overigens slechts 15% van de bevolking. Driekwart daarvan woont op het Noordereiland. Het gaat dan om bijna 400.000 Maori’s. Hun cultuur is overal prominent aanwezig. Kaituna Rapids & watervallen staan in de hele wereld bekend om de zeer goede wildwater rafting mogelijkheden. De rivier stroomt over 45 kilometer van Lake Rotorua naar de Bay of Plenty en biedt een intense mix van adrenaline en natuur. Wij doen het rustiger aan en wandelen naar de Tutea Falls en genieten van de omgeving. 

Napier/Hawke’s Bay 

Napier (68.000 inwoners) is een kuststad in de regio Hawke's Bay, wereldberoemd om haar unieke Art Deco-architectuur. De stad werd in deze stijl herbouwd na een verwoestende aardbeving in 1931. In de regio rondom Napier worden veel schapen gehouden, en het is een van de grootste producenten van appels, peren en steenvruchten. Op 3 februari 1931 verwoestte de dodelijkste aardbeving van Nieuw-Zeeland in nauwelijks 3 minuten tijd de steden Napier en Hastings (10 kilometer zuidelijker) in Hawke's Bay. Bij de aardbeving met een kracht van 7,8 kwamen minstens 256 mensen om het leven: 161 in Napier, 93 in Hastings en twee in Wairoa. Zowel Napier als Hastings werden met de grond gelijk gemaakt. De stad werd herbouwd in de stijl van die tijd. Art Deco was tussen 1920 en 1940 zeer populair en werd als ultra modern beschouwd. Tegen het einde van het decennium was Napier de nieuwste en modernste stad ter wereld. 

We gaan eerst naar de Centennial Gardens aan de voet van Buff Hill nabij het centrum, een zeer goed onderhouden en fraai park waarbij goed gebruik is gemaakt van het geaccidenteerde terrein. In het park bevindt zich een 40 meter hoge waterval. Daarna klimmen we gestaag omhoog totdat we een ‘lookout’ bereiken. Daar hebben we een schitterende uitzicht op de stad en haar mooie gebouwen. Vervolgens krijgen we een rondleiding door Art Deco Napier. Een mooie bouwstijl met altijd verschillende ontwerpen van huizen en gebouwen. Geen gebouw is hetzelfde. Boeiend om te zien. 

We gaan verder over de weg naar Te Mata Peak (398 m). De top, die over de weg per auto gewoon te bereiken is (wel een heel smalle weg!) biedt een fantastisch uitzicht over de Heretaunga Plains. De Te Mata Peak ligt in het Te Mata Park waar verschillende mooie wandelingen zijn uitgezet. De top is een favoriete spot van hanggliders omdat er een goede wind van de Stille Oceaan wordt geblazen. De berg bestaat uit kalksteen dat ongeveer 2 tot 3,5 miljoen jaar geleden op de zeebodem is gevormd en later door tektonische krachten omhoog is geduwd. De Maori-legende vertelt dat de Te Mata het lichaam is van opperhoofd Te Mata O Rongokako. Deze verslikte zich en stierf toen hij zich een weg door de heuvel at. De dochter van een ander opperhoofd had hem die taak gegeven. De 'beet', die zijn dood betekende, is vanuit Hastings - elf kilometer verderop - duidelijk te zien, net als de rest van zijn lichaam. In Hastings zijn diverse belangrijke Māori-beelden en houtsnijwerken (whakairo) te vinden, die de rijke cultuur en geschiedenis van de lokale Ngāti Kahungunu-stammen weerspiegelen. Op Ngā Pou o Heretaunga (Civic Square) bezoeken we de meest prominente verzameling van 18 (inmiddels 19) prachtig gesneden pou tūpuna (voorouderpalen). Ze vertegenwoordigen verschillende marae (ontmoetingsplaatsen) in de omgeving en vertellen verhalen die 20 generaties overspannen. Ze zijn gemaakt van totara-hout. Een bijzondere plek. 

Wellington 

Wellington is de compacte, heuvelachtige hoofdstad van Nieuw-Zeeland, gelegen aan de zuidpunt van het Noordereiland. Met ‘slechts’ 400.000 inwoners is Wellington niet de grootste stad van het land, wel een hele belangrijke. De stad staat bekend om zijn sterke winden ("Windy Wellington") en heeft een levendige koffiecultuur. Wellington is ook het politieke hart van het land en huisvest belangrijke culturele instellingen zoals het Te Papa 20/30 Museum en de Wellington Botanic Garden. De stad biedt een mix van historische bezienswaardigheden en moderne architectuur, waardoor het een must-visit is voor elke reiziger. Wellington heeft vanwege zijn ligging aan de zeestraat tussen de twee eilanden van Nieuw-Zeeland zoals gezegd een winderig en vrij nat klimaat. Toch is het een aantrekkelijke stad om te wonen en om er te zijn. Op de dag van ons bezoek is het gelukkig vrij mooi weer in de hoofdstad. 

We nemen de shuttle van het schip naar 280 Lambdon Quay, daar is het stationnetje van de cablecar. De cablecar stopt op hoogste punt van Mount Victoria, een heuvel ten noorden van de binnenstad van 196 meter hoog, die je een uitzicht biedt op downtown Wellington en de zee. Op de top (vierde halte met de naam cable car lookout) zijn de botanische tuinen. We maken hier een wandeling. Er is een free shuttle (4 km) naar Zealandia Te Māra a Tāne, dit is een ecosanctuary, een prachtig natuurgebied/stadspark. Wegens tijdgebrek laten we dit schieten. We gaan terug met de cablecar naar beneden. Beneden aangekomen besluiten we om ook hier weer de hop on hop off route te doen, omdat dit voor ons de gemakkelijkste manier is om zo veel mogelijk van deze stad te zien . We rijden langs Te Papa museum en de Oriental Bay en vervolgens weer naar boven naar de Mount Victoria lookout. Cuba Street en Ghuznee Street vormen het hart van het winkelgebied. Cuba Street is een levendige, 925 mete lange, iconische straat. Het staat bekend om zijn Boheemse sfeer en beschikt over een bruisend voetgangersgebied, historische Victoriaanse/Edwardiaanse architectuur, eclectische winkels, cafés en straatkunst. Zeelandia is het al eerder genoemde gebied nabij de top van de calbecar. We rijden door de omgeving, een bijzonder mooi gelegen en fraai vormgegeven woonwijk. Via de parlementsgebouwen rijden we terug naar de haven. 

Timaru 

Timaru is een vrij rustig provinciestadje in South Canterbury, een vlak landbouw- en veeteeltgebied met slaperige dorpjes. Timaru (27.000 inwoners) is bekend om zijn kleine blauwe pinguïns in Caroline Bay en dolfijnen. Wij hebben dit helaas niet gezien. In vijf minuten rijden we met een shuttlebusje van de haven naar het centrum. Er is een klein marktje. De winkelstraat hier heet Stafford Street. Er heerst een gemoedelijke sfeer, zoals eigenlijk overal wel in dit land. Een aanleghaven van weinig belang eigenlijk, maar leuk om er te zijn geweest. 

Dunedin 

Het schiereiland nabij Dunedin in Nieuw-Zeeland heet het Otago Peninsula (Otago schiereiland). Dit 24 kilometer lange, heuvelachtige gebied staat bekend om zijn ruige kustlijn, unieke wilde dieren zoals koningsalbatrossen en pinguïns, en de nabijheid van de stad Dunedin. Wij bezoeken zowel het schiereiland als de stad. Ons schip meert vandaag aan in Port Chalmers, een aantrekkelijk vriendelijk havenstadje, vlakbij Dunedin. Het schiereiland Otago vormt de oostelijke grens van de Otago Harbour, direct naast Dunedin. 

De rit gaat vandaag naar het uiterste puntje van Otago. De weg er naar toe biedt panoramische uitzichten, het ene nog mooier dan het andere. Dit is puur genieten van zoveel natuurschoon. Een vredig, bijna ‘pastoraal’ (in de zin van het ‘idyllische platteland’), heuvelachtig en groen landschap. Tararoa Head, op het uiterste puntje, is de thuisbasis van een kolonie noordelijke koningsalbatrossen. Uiteraard bezoeken we die. In het informatiecentrum krijgen we eerst informatie over deze bijzondere dieren, die alleen hier voorkomen. Daarna gaan we ze zien. Het is een steile klim naar het uitzichtpunt, vanaf waar we ze tegen de rotsen zien. Sommigen zitten gewoon rustig op de rots, anderen stijgen op en we zien ze langs vliegen: hun vleugels hebben een enorme spanwijdte van bijna 3 meter. 

Dunedin heeft een mild klimaat. De temperaturen liggen tussen 4 (winter) en 18(zomer) graden, niet uitzonderlijk warm dus en ook niet uitzonderlijk koud, maar wel met sneeuwrijke winters. Een beetje zoals Schotland, het thuisland van de stichters van Dunedin. De stad staat bekend om zijn ongelooflijk mooie flora. En verder om zijn Schotse en Maori erfgoed, en Victoriaanse en Edwardiaanse architectuur. Dunedin werd in 1848 door Schotse kolonisten gesticht. Het is dan ook de Keltische naam voor de hoofdstad van Schotland (Edinburgh). Met 130.000 inwoners is het de tweede stad van het Zuidereiland. Ongeveer 25.000 inwoners zijn studenten, dat maakt de stad extra levendig want er is altijd wel wat te doen. Door de vele studenten is er een bruisend nachtleven in Dunedin. 

In het noorden van de stad bevindt zich ook de steilste bewoonde straat ter wereld! Baldwin Street heeft een stijgingspercentage van 34,8% en je doet er ongeveer tien minuten over om de 350 meter lange straat omhoog te lopen. Op foto’s lijkt het nogal mee te vallen, maar nu wij er in het echt staan is de straat toch echt heel steil. Het schijnt dat het ontwerpen van de wijk waarin de straat ligt gebeurde door mensen van achter hun bureau in Schotland, ze waren nog nooit op het Zuidereiland geweest. De staat werd op de kaart getekend, zonder dat men door had dat dit vanwege de steile heuvel eigenlijk onmogelijk was. 

De Dunedin Botanic Gardens zijn ongelooflijk mooi. Het park, dat al in 1880 werd aangelegd, bestaat uit een lager (vlak) gedeelte en een hoger op de hellingen van de heuvel gelegen deel. Het is hier bijzonder fijn wandelen met fraaie doorkijkjes. Het stadscentrum van Dunedin is op bijna elke hoek bezaaid met historische gebouwen. Op slechts enkele blokken van het Octagon-plein bevinden zich een aantal bijzonder belangrijke architectonische pareltjes, waaronder het gemeentehuis, de St. Paul's Cathedral, de First Church, het gerechtsgebouw van Dunedin en het treinstation van Dunedin. We stoppen in ieder geval bij het Universiteitsgebouw en het fraaie station om te fotograferen en er even rond te lopen. Uiterst tevreden over weer zo veel moois op één dag keren we tegen de avond moe terug op ons schip. 

Cruisen langs het Fiordland Nationaal Park

Fiordland National Park beslaat de hele zuidwestelijke hoek van het Zuidereiland van Nieuw-Zeeland. Het is met ruim 12.000 km2 (een derde van Nederland) het grootste nationale park van het land. Het park maakt deel uit van het UNESCO-Werelderfgoed Te Wāhipounamu en staat wereldwijd bekend om zijn spectaculaire fjorden, gletsjermeren, dichte regenwouden en torenhoge bergtoppen. Wij varen langs de kust om twee fjorden binnen te varen. De Milford Sound (Piopiotahi) is de beroemdste fjord van Nieuw-Zeeland, gedomineerd door de iconische Mitre Peak. Het is de enige fjord die ook direct via de weg bereikbaar is. De Doubtful Sound (Patea), bekend als de 'Sound of Silence' is dieper en langer dan Milford Sound en is aanzienlijk afgelegener, omdat hij niet per eigen auto bereikbaar is. Als wij er varen is het vooral in de Milford Sound grijs en mistig weer. Het regent lichtjes en toch staan wij een hele tijd te kijken naar wat we voorgeschoteld krijgen. Het is, toegegeven, niet zo mooi als de plaatjes die we gezien hebben met zonnig weer en een strakblauwe lucht. Maar in ieder geval mooi genoeg. In Milford Sound is het beter weer: het is in ieder geval lichter en de foto’s zijn dan ook iets mooier uitgevallen. Dat was dan Nieuw-Zeeland, we varen nu in twee dagen naar het Australische Tasmanië. 

Hobart, Tasmanië 

Hobart (47.000 inwoners) is de zuidelijkste hoofdstad van Australië en, na Sydney, de oudste stad van het land. De stad is voor 2026 uitgeroepen tot een van de top 10 trending reisbestemmingen ter wereld door Expedia. Waarschijnlijk heeft dit te maken met het feit dat de stad uitvalbasis is voor centraal Tasmanië, dat toeristisch erg aantrekkelijk is (bergen, natuurschoon). De stad ligt aan de monding van de rivier de Derwent en aan de voet van de 1.271 meter hoge kunanyi / Mount Wellington. We landen in het gezellige haventje. Het is lekker weer, 22 graden en een zonnetje en de stad ziet er zomers uit. We gaan de nabijgelegen Mt. Wellington beklimmen, per bus uiteraard want we zijn geen klimmers. Eerst zijn de uitzichten nog best mooi, we maken halverwege een stop om een boswandeling te maken, maar gaandeweg wordt het zicht steeds minder en als we uiteindelijk op de top belanden zien we helemaal niets. Het is nogal koud, het miezert en waait en het is geen plek om lang te blijven. Als we afdalen komen we snel weer in het gebied waar we nog enigszins uitzichten hebben. We houden onszelf maar voor dat in ieder geval de rit naar de top aardig was. 

De eerste dag Tasmanië was dus minder, behalve dan het verblijf in de toch wel gezellige stad Hobart. Burnie, Tasmanië Het is twee dagen varen naar de noordwestkust van Tasmanië, waar het stadje Burnie ligt. Hemelsbreed ligt het 325 kilometer van Hobart. Burnie is een havenstadje met 19.400 inwoners en niet bepaald een hele mooie stad. Zo is het ook niet bedoeld. Er moest hier gewerkt worden en verdiend worden. En dus kwam er veel industrie en een haven, en dat alles domineert dit stadje. De haven van Burnie is een belangrijke haven voor de export van bosproducten, mineralen en landbouwproducten. Geen ruimte voor stedelijke fratsen, zoals parken of indrukwekkende gebouwen, wel vier korte winkelstraten (voor de toeristen). Van bovenaf, waar we later die dag zullen zijn, is dat goed te zien. Desondanks is dit uitzicht op dit werkstadje en de zee op zich best mooi. Hierboven is het wel enigszins parkachtig ingericht. 

We gaan deze dag naar Cradle Mountain NP. Het ligt op ruim anderhalf uur rijden van Burnie en de rit er naar toe is al landschappelijk gezien prachtig te noemen. Cradle Mountain NP is een van de meest iconische natuurlijke bezienswaardigheden van Tasmanië. De berg zelf heeft karakteristieke gekartelde toppen en de ligging aan het spiegelgladde Dove Lake is meer dan schitterend. De regio is een paradijs voor die-hard lange afstandswandelaars. Voor ons, de dagjesmensen, is het Dove Lake Circuit (ca. 2-3 uur) zeer populair vanwege de uitzichten op de berg en het veel gefotografeerde historische boothuis uit 1940. Dove Lake is een spectaculair gletsjermeer gelegen aan de voet van Cradle Mountain. Het is een van de meest iconische natuurlijke bezienswaardigheden van de regio en staat bekend om zijn kristalheldere water en dramatische berguitzichten. We doen een deel van de route en genieten volop van zoveel natuurschoon. Het doet ons een beetje denken aan Patagonie, zelfs qua weer. Het weer is extreem onvoorspelbaar en kan "vier seizoenen in één dag" bevatten. Zelfs in de zomer kan het ineens gaan sneeuwen of heel hard gaan regenen. Het landschap verandert dramatisch per seizoen. In de herfst (april/mei) kleuren de inheemse fagus-bomen (de enige loofboom van Australië) de hellingen goudgeel. In de winter is de berg vaak met sneeuw bedekt. In de zomermaanden, de tijd dat wij er zijn, is alles mooi groen en geel. Veel bloemen ook. Het is mogelijk om hier de ‘beruchte’ Tasmaanse duivel te ontmoeten. Die hebben wij niet gezien, wel de grappige wombats. 

Melbourne 

Melbourne is de bruisende hoofdstad van de Australische deelstaat Victoria en staat wereldwijd bekend als de "culturele en sporthoofdstad" van het land. In de meest recente Global Liveability Index 2025 staat Melbourne op de 4e plaats wereldwijd als meest leefbare stad. Melbourne, we waren er al eerder - in 2006 - en toen schreef ik al dat het de meest Europees aandoende stad van Australie was. Nu zou ik het omschrijven als het "Europa van Australië" vanwege de historische architectuur, de koffiecultuur en de verborgen steegjes (laneways) vol street art. 6/12 Populaire locaties zijn de Royal Botanic Gardens, de Queen Victoria Market en het Melbourne Cricket Ground (MCG), ook wel de 'tempel van de sport' genoemd. 

Het meest levendige en bekende deel van de stad is het blok dat op de kruising van St. Kilda Street en Flinders Street ligt, even ten noorden van de Yarra rivier met vier iconische landmarks: het fraaie Flinders Street Station, Federation Square, St. Pauls Cathedral en het stadhuis. Melbourne heeft nu ongeveer 5,35 miljoen inwoners. Hoewel Sydney vaak als de grootste stad wordt gezien, is Melbourne in bepaalde stedelijke metingen inmiddels de grootste stad van Australië. Vooraf hebben we bedacht dat we van de haven de tram naar halte downtown zouden nemen om van daaruit ‘wel te zien’. Melbourne is echter heel groot en we hebben zelf beide sinds enige dagen wat ‘mobiliteitsproblemen’. We gaan dus weer stadsrondrit maken. 

Port Melbourne is de ‘zeekant’ van Melbourne, samen met het er naast gelegen St. Kilda. Chique wijken die aan een mooi lang zandstrand liggen. Vandaag is het strand leeg, het is koel met zo’n 18 graden. Gisteren lag het echter bomvol, toen het 36 graden was. Melbourne staat bekend om zijn heftige tempetatuurschommelingen. We rijden langs een studentenwijk naar het noordwesten, naar het Sportcentrum in en rond Albert Park. Hier wordt getennist (Melbourne Open) en geracet. We kunnen over het Street Circuit van de GP rijden en links en rechts passeren we kilometers lang de lege tribunes. 9/12 Door de parkachtige omgeving (aan parken geen gebrek in deze stad!) rijden we naar de Royal Botanical Gardens. Vlakbij staat de Shrine of Remembrance, het nationale oorlogsmonument van de staat Victoria. Dit markante monument is gebouwd in 1934 om veteranen uit de Eerste Wereldoorlog te eren en tegenwoordig alle Australiërs die hebben gediend in oorlogen en vredesmissies. Het monument is gelegen in het Kings Domain aan Birdwood Avenue en biedt naast herdenkingsruimtes ook uitgebreide museale tentoonstellingen en een panoramisch uitzicht over Melbourne. We waren hier in 2006 ook al geweest, maar het maakt toch weer indruk. 

Langs de Yarrarivier, nog steeds in zuidelijk Melbourne, rijden we naar de South Bank, een moderne wijk met een winkelgebied en wandelgebied langs de rivier, van waar je een mooi zicht hebt op de eerder genoemde vierhoek Flinders Street station, stadhuis, St. Pauls kathedraal en Federation Square. Hier bevindt zich ook het Skydeck, gelegen op de 88 verdieping van de Eureka Tower. Het is het hoogste observatieplatform op het zuidelijk halfrond. Het biedt een 360-graden panoramisch uitzicht over Melbourne en de omliggende regio, van de Dandenong Ranges tot Port Phillip Bay. De razendsnelle lift brengt je in 38 seconden boven. Het verblijf boven is fantastisch, ik zou wel uren naar beneden en in de verte kunnen kijken. We blijven er een half uur, want we moeten verder. We rijden het noorden van de stad binnen. Een kolossaal stadsdeel met veel oude gebouwen tussen de nieuwere wolkenkrabbers. De Italiaanse wijk van Melbourne is Carlton, met name gecentreerd rond Lygon Street, bekend als "Little Italy". Dit gebied staat bekend om de hoge concentratie Italiaanse restaurants, pizzeria's, ijssalons en is de geboorteplaats van de cafécultuur in Melbourne. Het ligt direct ten noorden van het stadscentrum (CBD). Ookk dit kennen we nog uit 2006, maar de hernieuwde kennismaking is leuk. Een erg gezellige wijk! Tot slot rijden we terug naar ons schip en dit is tevens bijna het einde van deze grote reis. 

We hebben in totaal 13.100 kilometer afgelegd (met de boot), waarbij dus nog niet de kilometers over land zitten. Op onze 43 dag komen we in Sydney aan. We hebben 29 dagen gehad, waarop we in een haven hebben aangelegd, 13 zeedagen (die zijn nodig om grote afstanden te overbruggen) en 5 reisdagen om naar en van Oceanie te komen. Ruim 20 uur vliegen enkel en ook weer 20 uur retour en 6 wachturen in Singapore. Indrukwekkende cijfers. Ons grote genieten is niet in cijfers uit te drukken! Een hele indrukwekkende reis, die ons nog lang zal heugen.

Information icon

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.